6 – 8 minuten

0 reacties

In de afgelopen jaren zijn besluit- en beleidsvormingsprocessen voor veel burgers toegankelijker geworden. Gemeenten bieden tegenwoordig informatie in verschillende talen en in makkelijk te lezen teksten. Provincies organiseren omgevingslabs waarin experts, burgers en beleidsmakers met elkaar in dialoog kunnen gaan. Om de betrokkenheid van mensen bij de (lokale) democratie te vergroten is een heel scala aan participatie-instrumenten ontwikkeld.

Toch zijn al deze instrumenten nog steeds grotendeels talig en cognitief ingericht. Er wordt gesproken in termen als ‘dialoog’, ‘nauw overleg’ en ‘meedenken’. Dit soort benaderingen sluiten nog steeds mensen buiten die niet of weinig verbaal vaardig zijn en die daardoor al vaak een kwetsbare maatschappelijke positie hebben. Kan het ook anders? 

Actieonderzoek sociale innovatie op Landpark Assisië

Om dit te onderzoeken heeft de Universiteit voor Humanistiek in 2021 samen met bewoners van het instellingsterrein Landpark Assisië een actieonderzoek uitgevoerd. Ook al wordt sinds het einde van de vorige eeuw beleidsmatig ingezet op kleinschalige woonvormen in de wijk, een aantal residentiele zorginstellingsterreinen voor mensen met een verstandelijke beperking is blijven bestaan. Het door zorgorganisatie Prisma beheerde Landpark Assisië in Noord-Brabant is er daar een van. Op dit landpark wordt de laatste jaren flink geëxperimenteerd met manieren om op het instellingsterrein een meer diverse gemeenschap te laten ontstaan. Zo woont er sinds vorig jaar een aantal kunstenaars op het Landpark en er zijn plannen om tiny houses op het terrein te plaatsen. Veranderingen die, juist omdat het landpark een relatief geïsoleerde gemeenschap is, grote impact hebben op het leven van de bewoners.

Het actieonderzoek van de UvH draaide om de vraag hoe de bewoners betrokken kunnen worden bij het vormgeven van hun leefomgeving. Om vanuit daar meer te leren over participatieve vormen van beleidsvorming, -uitvoering en besluitvorming die aansluiten bij mensen die niet of weinig verbaal vaardig zijn.

Niet alleen cliënt, maar vooral burger

Door een jaar lang vrijwel elke woensdag mee te leven en te werken op een aantal dagbestedingslocaties werd langzaam duidelijk welke behoeftes, wensen en verlangens de bewoners van het Landpark hebben met betrekking tot het vormgeven van de zorg, maar ook het samenleven op het landpark. Dat samenlevingselement is essentieel: bewoners van het Landpark zijn immers niet alleen cliënten, maar ook burgers van de gemeente Tilburg. Maatschappelijke ontwikkelingen en veranderingen in de inrichting van de publieke ruimte hebben directe invloed op hoe de zorg en het samenleven op het landpark eruitziet.

Foto: Neeltje ten Westenend

Om goed zicht te krijgen op hoe democratisch nadenken over samenleven op het Landpark mogelijk is, blijkt een ander perspectief nodig op gangbare begrippen als ‘politieke actie’, ‘stem hebben’ en ‘kennis’. Dit andere perspectief wordt hieronder toegelicht aan de hand van de drie kerninzichten van ons onderzoek.

Relationele kijk op een stem hebben

Door nauw aan te sluiten bij het alledaagse leven op het Landpark werd duidelijk dat een stem hebben niet onlosmakelijk verbonden is met een individuele, talige uiting. Je kunt dit ook op een andere manier begrijpen. Een stem is niet alleen iets dat je ‘hebt’. Bewoners lieten zien dat je een stem ook kunt begrijpen als iets dat zich ontvouwt in relaties en interacties tussen mensen en dingen; in de manieren waarop zij zich tot elkaar verhouden.[1]

Onbenutte potentieel van getuige-deskundigen

Bewoners van het Landpark staan niet met een bord op de barricade als ze het ergens niet mee eens zijn, maar worden ze onrustig, stil of juist agressief. De betekenis die wordt verleend aan dit soort gedragingen en een passende respons daarop is daarmee direct afhankelijk van interpretatie door anderen. Deze anderen zijn dikwijls mensen die veel tijd met hen doorbrengen met hen: begeleiders, vrijwilligers, familieleden. In het onderzoek hebben wij de rol van deze mensen geduid als ‘getuige-deskundigen’.[2]

In het onderzoek werd echter duidelijk dat de kennis van getuige-deskundigen onvoldoende wordt meegenomen buiten de zorgcontext. Dit is problematisch omdat zo hun relevante praktijkkennis onbenut blijft. Zij zien en signaleren ontwikkelingen en gedragingen vaak als eerste. Bovendien creëren ze in de onderlinge verhouding met bewoners nieuwe kennis over wat werkt in het samen zoeken naar manieren om het samenleven vorm te geven. Daarnaast hebben begeleiders, vrijwilligers en familieleden een functie als ‘poortwachter’. Hun vermogen om bruggen te slaan of deuren te openen naar nieuwe dingen of om dingen juist buiten de leefwereld van mensen met een verstandelijke beperking te houden, kan hun mogelijkheden vergroten of juist verkleinen.

Werken met of vanuit belichaamde kennis

Het laatste inzicht dat ons onderzoek heeft opgeleverd is dat bewoners van het landpark de vraag opwerpen: wiens kennis telt? Voor de bewoners zijn met name belichaamde vormen van kennis van betekenis. Vormen van kennis die verbonden zijn met de fysieke omgeving, met handelingen, in het hier en nu. Die vormen van kennis zou je moeten aanspreken en gebruiken als je mensen met een verstandelijke beperking wilt betrekken in beleidsvorming, -uitvoering en besluitvormingsprocessen.

Dat kan door aan te sluiten bij de leefwereld van bewoners, maar in het actieonderzoek werd duidelijk dat hier ook gerichte interventies voor ontworpen kunnen worden. Fysieke acties die abstracte vraagstukken van betekenis kunnen laten zijn voor de bewoners van het landpark. Dat kunnen hele kleine dingen zijn als het plaatsen van bankjes waardoor bewoners meer gelegenheid hebben om bouwwerkzaamheden te volgen, het gezamenlijk ontmantelen van de kerkelijke elementen in de kapel, of kunstinterventies die abstracte vraagstukken als de vraag wat gedeelde grond kan zijn naar de belevingswereld van bewoners vertalen.

Conclusie

Ons actieonderzoek biedt handvaten voor hoe we op een andere manier kunnen beleids- en besluitvormingsprocessen kunnen vormgeven. Een manier die taal en cognitie niet centraal stelt, maar die in plaats daarvan oog heeft voor de relationele, interactionele en zintuigelijke dimensies van het leven. De verkenning onderstreept het belang van het zoeken naar participatievormen die aansluiten bij hoe mensen met een verstandelijke beperking in het leven staan. Wij zien hiervoor mogelijkheden wanneer het begrip over wat een politieke stem kan zijn wordt verruimd, er gebruik wordt gemaakt van de kennis van getuige-deskundigen, en er mogelijkheden worden gecreëerd om op een zintuigelijke, fysieke, belichaamde manier te reageren op bepaalde ontwikkelingen.

Laura Mudde

Op 12 april verschijnt een tweede blog van Laura Mudde over hoe het actieonderzoek zelf is uitgevoerd.


[1] Zie ook: Ongehoord. Over kleine interacties wanneer woorden niet vanzelfsprekend zijn van Leni van Goidsenhoven (2021).

[2] Begrip komt uit: Kolen, M., & Vosman, F. (2016). De zorgprofessionals als drager van publieke moraal. Een zorgethisch perspectief op zorgprofessionals als getuige deskundige in de alledaagse omgang met lvb-jongeren. Nederlands tijdschrift voor de zorg aan mensen met verstandelijke beperking, 42(2), 93-107. https://doi.org/10.18352/jsi.543.

Een artikel van


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.